Volière
Grasparkiet:
Ruim 150 jaar geleden werd de grasparkiet in Europa ingevoerd. Het is een vogel die van origine in Australië voorkomt. Het zijn kolonievogels, die daar in grote groepen leven Ze leven hoofdzakelijk van zaden Ze worden hier gehouden in een kooi of volière en kunnen 5 tot 10 jaar oud worden.
Als grasparkieten alleen in een kooi worden gehouden, hebben ze veel aandacht nodig. Het zijn echte gezelschapsdieren en daarom is het beter om er twee of meer te houden. Speelgoed en klimgerei zijn noodzakelijk bij het leven in een kooi. Grasparkieten zijn vrolijke, ondernemende vogels die erg tam kunnen worden, vooral als ze van jongs af aan met mensen in aanraking zijn geweest. Sommige grasparkieten kun je wat woordjes leren, Dit lukt alleen met heel veel geduld, herhalen en een hoog stemgeluid geeft het beste resultaat., maar dan moet je ook echt één parkiet hebben.
Een grasparkiet heeft donsveren en dekveren. De donsveren zorgen voor warmte, de dekveren beschermen tegen beschadigingen. De veren zorgen voor een waterafstotende isolatie. Grasparkieten ruien zoals andere vogels. De vrouwtjes noemen we een pop en hebben een bruine neusdop. De mannetjes hebben een blauwe neusdop. Van nature is de grasparkiet groen, maar kweekvormen komen in allerlei kleurslagen voor, zoals blauw, geel, wit en grijs of een combinatie daarvan. Dat zie je ook bij ons in de volière. De pop legt per keer zo'n 4 á 5 witte eitjes, die na 18 dagen broeden uitkomen. Zij maakt hiervoor gebruik van een dicht nestkastje met kleine ronde opening. Onderin het nestkastje bevindt zich een kommetje voor eitjes. De pop begint met broeden wanneer het 2e. eitje is gelegd. Na zo'n 4 á 5 weken verleten de jongen de nestkast en worden door de ouders nog een tijdje gevoerd.
Valkparkiet
De valkparkiet (Nymphicus hollandicus) is een vogelsoort uit Australië. In tegenstelling tot wat de naam suggereert, behoort deze vogel niet tot de parkieten maar tot de kaketoes. De vogel is een in Nederland en België vrij populaire volière- en kooivogel.
De (in het wild voorkomende) valkparkiet is 30 tot 33 cm lang. De vogel is overwegend grijs met witte vlekken op de vleugels (“schouders”). De vogel heeft een lange staart waarvan de middelste staartpennen langer zijn dan de buitenste. Het mannetje heeft een bleekgele kop en een opvallende rechtopstaande kuif, verder een oranjerode vlek op de oorstreek (“wang”). Bij het vrouwtje is het geel en het rood wat doffer van kleur. Bij het vrouwtje is een regelmatig patroon van horizontale donkere strepen zichtbaar op de buitenste staartveren. Bij mannetjes zijn de staartveren egaal gekleurd.
Van de valkparkiet zijn een groot aantal kleurvariëteiten gekweekt. In onze volière zijn diverse kleurschakeringen te zien. Het geslachtsverschil is weinig opvallend – de mannetjes (‘man’) hebben een gele kop en kuif, het vrouwtje (‘pop’) heeft een minder gele kop, wat vooral bij onderlinge vergelijking van een paartje opvalt. Bij het vrouwtje (de “pop”) is een regelmatig patroon van zwarte strepen zichtbaar op de buitenste staartveren. Bij mannen zijn de staartveren meestal egaal gekleurd. Maar Kenners kunnen het eerder aan bepaalde gedragingen zien, mannetjes vertonen machogedrag. Het zijn nieuwsgierige vogels, die vocaal ook aanwezig kunnen zijn. Ze kunnen een melodietje fluiten en geluid nadoen. Het zijn ook echte gezelschapsvolgels, die aandacht vragen. Ze wegen 80 à 110 gram en zijn ongeveer 30 tot 33 centimeter lang (kop-staart). De vogels kunnen bij goede verzorging zo'n 15 á 20 jaar oud worden
De pop legt 4 á 5 witte eitjes, die 18 tot 21 dagen bebroed worden. De pop begint te broeden bij het twee eitje en wordt daarbij afgelost door het mannetje. Voor het legsel wordt gebruik gemaakt van een ruime nestkast. De jonge vogels verlaten na 4 á 5 weken de nestkast en worden nog een poosje door de ouders gevoerd.