Skip to main content

Op Dierendal hebben wij twee katten, te weten Arwin en Roys. De kat behoort tot de katachtige familie net zoals de leeuw, de tijger, het jachtluipaard en de panter. Dit zijn allemaal wilde dieren en ook de kat heeft nog wel iets wilds in zich. Een huiskat zal nooit het gevoel van jagen verliezen. Daarom komen zowel Roys als Arwin nog wel eens thuis met een muis, of een ander beestje dat ze hebben gevonden. 
De snorharen van een kat dienen als voelsprieten. Hiermee kan de kat voelen of ze ergens door heen kan. Het gehoor van een kat is zeer goed. Zelfs het kleinste geritsel van een muis wordt geregistreerd. Katten kunnen vooral in de schemering goed zien.

Een kat die jonger is dan één jaar heet een kitten. Gezond eten en een goed gewicht is belangrijk voor katten. Het is zeer ongezond voor een kat om de resten van ons eten op te eten. Het is veel beter om ze blikvoer en brokjes voor katten te geven en gewoon water. Als kitten heeft een kat drie keer per dag eten nodig. Als hij volwassen begint te worden (ongeveer negen maanden oud) hoeft hij maar twee keer per dag of zelfs maar één keer per dag eten te hebben.

Katten zijn lieve huisdieren, maar zijn ook zeer geschikt op een boerderij als muizenvanger. 

Arwin

Arwin

Een moederpoes krijgt drie tot vijf katjes per keer. Dat noemen we een worp. De poes is dan ongeveer 63 dagen drachtig geweest. De meeste katten vinden het fijn om als een baby te worden gedragen. Als je een kat wilt oppakken, moet dat eigenlijk zo…. dus nooit in het nekvel! Alle katten vinden het fijn om geaaid of geknuffeld te worden maar het ligt er wel aan hoe je dat doet. Er zijn katten die het eng vinden om geaaid en geknuffeld te worden, zoals onze Arwin. Als je een kat van jongs af aan knuffelt, dan wennen ze er snel aan. Katten vinden het fijn om in een papieren zak of een kartonnen doos te zitten omdat ze graag in een klein knus plekje zitten.

Een kat heeft een speciale vangtechniek. Zijn poten zijn daar helemaal voor gemaakt. Bij het sluipen loopt hij op voetkussentjes. Muisstil kan hij zo zijn prooi bespringen. Een kat kan zijn nagels uitslaan en zo zijn prooi vast houden. Met behulp van kleine spieren kunnen de nagels worden in- en uitgetrokken. Het jaaggedrag van katten is aangeleerd. Jonge katten zien bij hun moeder hoe ze een muis of mus moeten vangen. Pas als ze het gezien hebben kunnen ze het later zelf ook. Eerst is jagen een spel. Door veel oefenen en fouten maken leert een kat de kunst. Wanneer een kat het jagen niet als kitten heeft geleerd, zal hij later nooit muizen vangen, zelfs niet als hij geen eten krijgt. De gemiddelde levensduur van de huiskat is ongeveer 15 jaar.

Wij maken gebruik van cookies om onze website nog beter op jouw behoeftes af te stemmen.